CVA / dementie, omgaan met handelingsstoornissen - apraxie
Wanneer na een
hersenaandoening het handelen niet meer doelmatig verloopt, wordt gesproken van een apraxie.
Apraxie komt vaak
voor in combinatie met afasie (taalstoornis).
De belangrijkste vormen van apraxie zijn:
- ideatoire apraxie
De betreffende persoon heeft geen idee meer hoe hij / zij een
activiteit moet uitvoeren. De volgorde van handelingen is verloren
gegaan of voorwerpen worden onjuist gehanteerd. Bijvoorbeeld iemand
heeft moeite met aankleden (doet onderbroek over de bovenkleding aan),
doet de koffie in het waterreservoir etc..
- ideomotorische apraxie
De betreffende persoon heeft vooral problemen met het uitvoeren van een
beweging op verzoek terwijl dit vaak wel als automatische reactie lukt.
Iemand is bijvoorbeeld niet in staat om op verzoek de hand naar het oor
te brengen terwijl spontaan aan het oor krabben wanneer het jeukt, wel
lukt.
- constructieve apraxie
Het ruimtelijke aspect van een handeling is verstoord waardoor iemand bijvoorbeeld niet goed
kan tekenen of iets in
elkaar zetten
Andere vormen van apraxie zijn nog:
- Een vorm van apraxie waarbij iemand vooral een wat onhandige, 'klungelige' indruk maakt. Bewegingen verlopen niet
vloeiend en soepel.
- Een apraxie van het mondgebied waardoor iemand moeite heeft met het vormen van onder andere (spraak)klanken.
- Het onvermogen om een beweging vol te houden ( impersistentie).
- Te lang doorgaan met een handeling of deze blijven herhalen (perseveratie).
Door deze stoornis is het handelen van de persoon chaotisch en rommelig
en gaan veel zaken niet goed. Apraxie is ook een probleem als het gaat
om het aanleren van nieuwe handelingen of het opnieuw leren van
vaardigheden.
Tips om de nader behulpzaam te zijn:
- deel een handeling op in kleine stappen;
- vereenvoudig handelingen;
- doe handelingen voor;
- begeleidt handelingen verbaal met korte, concrete aanwijzingen;
- leg voorwerpen in volgorde klaar;
- maak een 'checklist' van handelingen;
- biedt een serie plaatjes/foto's van de handelingen in volgorde aan;
- lok automatische handelingen uit en maak gebruik van bekende gewoonten;
- begeleidt zo nodig de handeling met de eigen handen;
- geef meer tijd (maar als het echt niet lukt, grijp dan in).
Meer informatie
over CVA
Meer weten over andere onderwerpen? Bezoek onze
bibliotheek.
BTSG innovatie in ouderenzorg. Postbus 1329, 6501 BH Nijmegen.
|